Afshin Ellian: ‘Het Iraanse regime moet weg en ik wil helpen met een ordentelijke overgang’

Lees het originele artikel op NRC.nl

Afshin Ellian | lid overgangscomité Iran De Leidse hoogleraar Afshin Ellian is door de zoon van de laatste sjah van Iran gevraagd te helpen bij de transitie naar het land van na de val van het islamitisch regime. „Dat is geen werk, maar iets dat je gewoon doet. Zoals ademen.”

Regelmatig richt de Iraanse kroonprins Reza Pahlavi zich vanuit het buitenland tot zijn landgenoten. In een video van eerder deze maand is hij aanvankelijk alleen in beeld. Maar als hij begint over de Iraniërs die „vijf decennia lang slachtoffer zijn geweest van onrecht, marteling en onderdrukking door de Islamitische Republiek”, zoomt de camera uit. Pahlavi blijkt geflankeerd door twee vrouwen en twee mannen. Linksboven in beeld: Afshin Ellian, de Leidse hoogleraar Encyclopedie van de rechtswetenschap en columnist van De Telegraaf en EW. Ellian, vertelt de zoon van de sjah, is benoemd tot lid van een vierkoppig comité „voor het opstellen van regelgeving inzake overgangsjustitie”.

Hele avonden en nachten is Ellian (60) er inmiddels mee bezig: de toekomst van Iran en het werk voor de kroonprins-in-ballingschap. Maar een tweede baan wil hij het niet noemen. Zo voelt het niet, vertelt hij op de Leidse rechtenfaculteit. „Als het ons op wonderbaarlijke wijze deze keer lukt, dan maken we niet alleen een verschil voor negentig miljoen mensen in Iran, maar ook voor miljoenen vrouwen en jonge mensen in de regio, zoals in Afghanistan, of in Turkije. Dat is geen werk, maar iets dat je gewoon doet. Zoals ademen.”

Ellian belandde eind jaren tachtig als politiek vluchteling in Nederland. Hij studeerde internationaal publiekrecht, strafrecht en filosofie in Tilburg, schreef een dichtbundel en was columnist voor NRC. In 2003 promoveerde hij op een dissertatie over de Waarheids- en Verzoeningscommissie van Zuid-Afrika na de Apartheid. Misschien komt die kennis nog een keer van pas, grapte zijn promotor destijds, vertelt Ellian. Het transitiecomité van Pahlavi moet nu onder andere plannen maken voor een waarheidscommissie die, net als in Zuid-Afrika, tot een vorm van gerechtigheid moet komen. 

Het is een van de vele voorstellen in een gedetailleerd document van 178 pagina’s van het ‘Iran Prosperity Project’ van de zoon van de laatste sjah. De commissie, onder leiding van oud-rechter Shirin Ebadi, die in 2003 de Nobelprijs voor de Vrede kreeg, denkt vanuit juridisch perspectief na over een democratisch Iran na de gehoopte val van de Islamitische Republiek. „Zo’n precies plan had zelfs Nelson Mandela niet”, zegt Ellian wijzend op het uitgeprinte document dat voor hem ligt.

Hoe kwam Reza Pahlavi bij u uit?

„Ik heb hem in 2008 op zijn verzoek ontmoet in de Verenigde Staten. Hij kende mijn werk. We hadden het over de geschiedenis van Iran. Het bleek een hele normale man, een liberale self-made man. In 2012 heb ik hem in Nederland gesproken, na de demonstraties van de Groene Beweging [Iraanse protestgolf in 2009-2010]. Activist was ik niet, maar de Woman Life Freedom-beweging [na de dood van de Koerdische vrouw Mahsa Amini in 2022] veranderde mijn leven en dat van vele Iraniërs. Sindsdien leeft breed het gevoel dat we met een lange mars naar de vrijheid bezig zijn. Ik kreeg van alle kanten de vraag: waarom kan jij als Europeaan die het land, de taal en de geschiedenis kent niet proberen bruggen te slaan?”

Heeft u nog getwijfeld om mee te doen?

„Op 8 en 9 januari zijn vele duizenden mensen gedood. Dat was voor mij een waterscheiding. In ziekenhuizen werden nekschoten gelost. Het was een beestachtig dionysisch feest. Als medewerker van de universiteit van Cleveringa [decaan van de Leidse rechtenfaculteit die zich tijdens de Tweede Wereldoorlog uitsprak tegen de anti-Joodse maatregelen van de Duitsers] heb je dan niet meer de luxe om niets te doen. Maar ik blijf academicus. Ik heb voor mezelf één missie gedefinieerd: het regime moet weg en ik wil helpen dat er een ordentelijke overgang komt. Dus zoals in Zuid-Afrika: geen bijltjesdag.”

Zuid-Afrika is niet gebombardeerd door de VS en Israël.

„Na die januaridagen hebben we veel emotionele nachtelijke overleggen gevoerd. De conclusie die iedereen trok was dat we geen andere keuze hadden dan geweld. Ter verdediging van de bevolking en ter beëindiging van het regime. Ook het idee van R2P speelde mee: responsibility to protect. Dat werd versterkt door de tweets van Trump, die zei: ga demonstreren, hulp is onderweg. Toen was er bijna geen weg meer terug. [De opperste leider Ali] Khamenei en zijn regime moesten worden verwijderd. Maar dat hadden ook de Israëliërs alleen kunnen doen.”

Maakt de oppositie zich niet kwetsbaar door Pahlavi als boegbeeld te nemen? Mede door zijn banden met Israël is hij geen onomstreden figuur.

„De populariteit van Pahlavi is de afgelopen jaren erg gegroeid. Hij wordt in dissidentenkringen van links tot rechts omarmd. Toen hij tijdens de demonstraties twee maanden geleden Iraniërs opriep op een bepaald tijdstip te demonstreren, kwamen mensen opdagen. Terwijl dat een heel groot risico met zich meebracht. In Irak en Syrië ontbrak een verbindend figuur, Pahlavi is dat geworden. Kijk maar naar het staatsnieuws van het huidige regime: het gaat constant over hem. Negentig miljoen Iraniërs kennen hem, ze weten allemaal dat hij nooit met de Islamitische Republiek heeft gewerkt. Zijn belangrijkste standpunten altijd hetzelfde geweest: Iraniërs mogen zelf een staatsmodel kiezen, zolang dat maar democratisch is. Een republiek is prima en een parlementaire monarchie is ook prima, als het land maar één geheel blijft.”

Moet de waarheidscommissie ook naar misdaden van vóór de revolutie in 1979 kijken?

„Nee, we beperken ons tot de misdaden van de staat vanaf februari 1979, toen de executies begonnen, tot de dag dat de Islamitische Republiek ten einde is en er een voorlopige regering is. We kijken vooralsnog ook niet naar het geweld dat is toegepast door oppositiegroepen. Daar moet later een maatschappelijk debat over worden gevoerd. In Zuid-Afrika gebeurde dat wel, daar moesten oppositiegroepen zoals het ANC ook de waarheid over hun verzetsdaden vertellen. Ik was daar toen erg van onder de indruk.”

Is het niet krachtiger als iederéén zijn verhaal kan doen? De geheime politie van de sjah, de Savak, zou duizenden slachtoffers, onder wie honderden doden, op haar geweten hebben.

„Het probleem is dat het huidige regime al veertig jaar leugens over de Savak verspreidt. Ruhollah Khomeiny [de eerste leider van het islamitische regime] zei aanvankelijk dat zeventigduizend mensen door de Savak en het leger zouden zijn gedood. Dat aantal zakte naar ruim tweeduizend mensen toen het regime besloot subsidies uit te keren aan de families van martelaren en ze het echt goed moest uitzoeken.”

Het comité pleit ervoor niet alle wetten van de Islamitische Republiek meteen af te schaffen. Waarom niet?

„Er zijn een aantal wetten die je op dag één buiten werking moet stellen, omdat ze in strijd zijn met de mensenrechten. Denk aan het afhakken van handen of het uitsteken van ogen. Maar we moeten ook chaos voorkomen. We blijven daarom bijvoorbeeld af van het bestuursrecht dat Iran draaiende houdt. Dat soort wetten zullen eventueel moeten worden aangepast door een gekozen volksvertegenwoordiging. De doodstraf zal tijdens de transitieperiode niet worden uitgevoerd. Het comité heeft niet de autoriteit om de doodstraf af te schaffen. Dat moet met de wil van het volk, via een democratische gekozen parlement.”

De huidige Islamitische Republiek op deze manier laten voortbestaan is heel gevaarlijk

Tot dusver zit het regime nog altijd op zijn plek. De Amerikanen lijken het uitgangspunt van ‘regime change’ te hebben laten varen. 

„Dat weten we niet. Er zou een vak trumpologie moeten komen, het is heel moeilijk uit te leggen wat hij wil. Wellicht willen de Amerikanen iedereen in de war brengen en hun opties open houden. Dan kun je altijd als winnaar uit de bus komen. Er zijn genoeg aanwijzingen dat ze nog altijd aansturen op regime change. Die tweets bijvoorbeeld over Make Iran Great Again. De huidige Islamitische Republiek op deze manier laten voortbestaan is heel gevaarlijk, voor Israël én voor Europa.”

Is het niet lastig om negentig miljoen Iraniërs ervan te overtuigen dat Israël hun beste vriend is terwijl hun luchtmacht het land aan het bombarderen is.

Gek genoeg is dat niet moeilijk. Joden en Iraniërs zijn oude vrienden.Iraniërs willen ook niet dat Teheran geld geeft aan zijn proxies, zoals Hamas of Hezbollah. De beroemde leus tijdens demonstraties sinds 2009 is: ‘Niet voor Gaza, niet voor Libanon, mijn leven alleen voor Iran’. En er zijn beelden van Iraanse studenten die weigeren over een Amerikaanse en Israëlische vlag te lopen. 

„Het onderscheid tussen het regime en de bevolking is heel belangrijk en [de Israëlische premier] Netanyahu maakt dat ook. Die school die geraakt werd [waarbij ruim honderd scholieren omkwamen], was natuurlijk vreselijk. Maar de nevenschade tijdens de oorlog in het algemeen is echt zeer beperkt. Vergeet niet: Israël kan alleen zo succesvol zijn met aanvallen doordat gewone Iraniërs helpen de doelwitten te identificeren. Gewone Iraniërs die Israëliërs niet als de vijand zien.”

Volgende
Volgende

Afshin Ellian: Europa moet zich aansluiten bij Israël en de VS tegen de Iraanse dreiging – opinie